Lezen

Drie Minuten Toets

testfiche
Afkorting: 
DMT
BeschrijvingTest: 

Bij de DMT ligt de nadruk op de snelheid waarmee leerlingen afzonderlijke woorden kunnen verklanken. Het pakket bevat drie verschillende leeskaarten: op leeskaart 1 staan klankzuivere woorden (type km, mk en mkm); op leeskaart 2 staan andere eenlettergrepige woorden; op leeskaart 3 staan twee-of meerlettergrepige woorden. De score is het totaal aantal goede antwoorden. Om te voorkomen dat leerlingen de woorden van iedere kaart onthouden en al op voorhand kunnen opzeggen, zijn er van elke kaart drie parallelversies gemaakt. In totaal bevat het pakket dus negen leeskaarten.

Meetpretentie: 

De DMT meet het technisch leesniveau bij kinderen.

Bruikbaarheid: 

De DMT geeft een gedifferentieerder diagnostisch beeld dan de Eén Minuut Test. Er is ook een handleiding bij die het opzetten van een oefenprogramma mogelijk maakt.

Normering: 

Normen per leerjaar + Normen allochtonen (1ste en 2de leerjaar). Cesuur: E-niveau (de 10% zwakste) Vlaamse normen zijn beschikbaar op CD-rom LVS taal, Departement Onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap, 2004

Dyslexie Screening Test

testfiche
Afkorting: 
DST
BeschrijvingTest: 

De testbatterij bestaat uit 11 subtests, onderverdeeld in twee klassen:

  1. Classificerend diagnostische subtests die aangeleerde vaardigheden meten
  2. Geassocieerde tests: taken waarvan men uit recente cognitieve verklaringsmodellen aanneemt dat dyslectici er significant meer moeilijkheden mee hebben.

De subtests zijn: Plaatjes en Letters Benoemen, Kralen Rijgen, Woorden Lezen, Lichamelijke Stabiliteit, Klanksplitsing en Letterverwisseling, Twee Minuten Spelling, Cijferreeksen Achterwaarts, Onzinwoorden Lezen, Eén Minuut Schrijven, Woordenschat, en Taalkundige Begrippen.

Meetpretentie: 

De DST screent de grootte van het risico dat een kind dyslectisch is.

Bruikbaarheid: 

Globaal genomen heeft de test een goede kwaliteit. Toch blijkt enkel de psycholinguïstische factor een bijdrage te leveren tot de diagnose dyslexie. De theorievorming is niet goed geoperationaliseerd. Indien geen andere tests voorradig zijn, kunnen enkele subtests gebruikt worden in de mate die noodzakelijk is om de achterstand en hardnekkigheid aan te tonen. Voorzichtigheid bij jonge kinderen is echter wel geboden. Ook bij kinderen die vroeg op het jaar geboren zijn onderschat men de problemen, terwijl het probleem bij wie laat op het jaar verjaart net overschat kan worden. Voor detectie van het risico op dyslexie is de DST minder gevoelig dan een klassieke testbatterij van lees-en spellingstest. Daar is een duidelijke onderschatting.

Normering: 

Nederlandse en Vlaamse kinderen, leeftijdsnormen, kinderen met ASS, slechthorende kinderen, kinderen met taal- en communicatieproblemen, kinderen met dyslexie.

Een-Minuut-Test

testfiche
Afkorting: 
EMT
BeschrijvingTest: 

De Een-Minuut-Test beoogt de technische leesvaardigheid te meten in de zin van ‘vlot kunnen ontsleutelen van gedrukte woorden’. De test wil nagaan in hoeverre dit aspect van de leesvaardigheid is gerealiseerd. In feite geschiedt dit door het aantal woorden te bepalen dat een kind in één minuut van een standaardlijst van woorden goed blijkt te kunnen lezen. Twee standaardlijsten (testkaart vorm A en B) zijn beschikbaar. Zij bevatten elk 116 losse, onder elkaar geplaatste woorden. Er werd voor niet-samenhangende woorden gekozen omdat, gezien de bedoeling van de test, het aspect van het begrijpen op de achtergrond moet blijven. De test is bedoeld voor het bepalen van een algemeen niveau van technisch lezen. De Een-Minuut-Test kan gebruikt worden bij leerlingen in scholen voor gewoon en speciaal onderwijs en wordt individueel afgenomen.

Meetpretentie: 

De EMT meet technische leesvaardigheid.

Bruikbaarheid: 

De EMT heeft geen Vlaamse normen. Een alternatief is de Drie Minuten Toets.

Normering: 

leerjaarnormen en didactische leeftijdsnormen

Test voor Gevorderd Lezen en Schrijven

testfiche
Afkorting: 
Gl&schr
BeschrijvingTest: 

De test is samengesteld uit een aantal hoofdtests en deeltests: Woordspelling, Overige spellingsregels, Fonologische herkenning en verwerking, Automatiseringssnelheid, Spraaksnelheid, Snel benoemen, Korte termijn- en werkgeheugen, Leesluistertekst, Morfologie en syntaxis, en Woordenschat .

Meetpretentie: 

De Gl&schr is een test die lees-en spellingsvaardigheid meet bij +16-jarigen. Deze test wordt gebruikt bij de diagnose van dyslexie.

Bruikbaarheid: 

Dit is een test die gebruikt kan worden voor het bepalen van de diagnose dyslexie bij studenten en volwassenen

Interactieve Dyslexie Test Amsterdam-Antwerpen

testfiche
Afkorting: 
IDAA
BeschrijvingTest: 

De IDAA is een computergestuurde test waarin basisprocessen bij lezen en spellen centraal staan.  De test werkt met flitstaken waarbij woorden en nonsenswoorden gedurende zeer korte tijd worden aangeboden op het scherm. Doel hierbij is in te gaan op een lacune in het huidige testmateriaal voor deze doelgroep en onbewuste, geautomatiseerde processen aan te spreken. Onderzoekers rapporteren namelijk op dit vlak grote verschillen tussen de vaardigheid van jongeren met dyslexie en zonder dyslexie. Flitstaken omvatten zowel Nederlandse als Engelse woorden. Daarnaast is een woordomkeringstaak in de basis opgenomen die peilt naar inzicht in de klankstructuur van woorden, het fonologisch bewustzijn. De IDAA biedt een meerwaarde bij het opstellen van een sterkte-zwakte analyse van de jongere omdat een strenge selectie van items mogelijk maakt prestaties op verschillende itemtypes te vergelijken binnen een test. Dankzij matching van de items over testen heen is het tevens mogelijk om de resultaten op de verschillende subtesten met elkaar te vergelijken.  

De Klepel

testfiche
Afkorting: 
KLEPEL
BeschrijvingTest: 

Het technisch lezen van woorden is afhankelijk van de vaardigheid in de fonologische (indirecte of spellende) procedure en de lexicale (directe of herkennende) procedure. De Klepel meet de fonologische procedure, de Een-Minuut-Test meet de lexicale procedure. Het in combinatie afnemen van De Klepel en de Een-Minuut-Test geeft de mogelijkheid veronderstellingen te formuleren ten aanzien van de relatieve sterkte en zwakte van de procedures van technisch lezen/woordidentificatie. Aan de hand van de scorecombinaties wordt de woordleesprestatie van de leerling geclassificeerd. De ‘beelden’ die horen bij zwakke en slechte leesprestaties worden voorzien van diagnostische aanwijzingen en orthodidactische adviezen. De Klepel is geijkt op leerlingen van groep 3 tot en met 8 van het basisonderwijs en de brugklas van het voortgezet onderwijs. De normtabellen zijn voor deze groepen beschikbaar voor twee momenten in het schooljaar: de periode rond januari en de periode rond juni.

Meetpretentie: 

De Klepel meet de technische leesvaardigheid bij het hardop lezen van pseudowoorden.

Bruikbaarheid: 

De Klepel is interessant om te gebruiken in combinatie met de Drie Minuten Toets.

Normering: 

Er komt in december 2009 een herziene versie voor de Eén-minuuttest en Klepel voor kinderen van 8-15 jaar met Nederlandse en Vlaamse normen. CONTACT OPGENOMEN

Akense Afasie Test

testfiche
Afkorting: 
AAT
BeschrijvingTest: 

De AAT bestaat uit 6 subtests: Spontane Taalproductie, Token Test, Naspreken, Schrijftaal, Benoemen en Taalbegrip. De Token Test is de beste subtest en wordt in veel onderzoek gebruikt als screeningtest voor afasie. Een verkorte versie (Heesbeen & Van Loon-Vervoorn, 2002) bestaat uit de subtests Spontane Taalproduktie, Token Test en enkele taken uit de vier overige subtests. Deze versie kan als screeningsbatterij gebruikt worden maar is niet geschikt voor diagnose of opstellen van een behandelplan.

Meetpretentie: 

De AAT detecteert afasie bij patiënten met hersenbeschadiging, bepaalt de ernst en het type van de afasie, en analyseert het taalprofiel.

Bruikbaarheid: 

De AAT is goed in staat om onderscheid te maken tussen mensen met en zonder afasie, de ernst van de afasie vast te stellen en de aard van de afasie te bepalen. De subtest Token Test komt als beste naar voor en kan gebruikt worden als screeningtest. De afname en interpretatie veronderstellen een goede kennis van de afasiesymptomen en afasiesyndromen en andere spraakstoornissen, zoals verbale apraxie en dysartrie. Het instrument is niet bedoeld om uitspraken te doen over de communicatieve vaardigheden in het dagelijkse leven van de patiënt.

Normering: 

Afatische patiënten en controles